Nieuws
De trainer is niet het probleem
10-03-10
Ronald Koeman en Aad de Mos zijn de enige twee Vitesse-trainers in deze eeuw die niet in degradatiegevaar zijn geweest met de Arnhemse ploeg. In het geval Koeman was dat vrij logisch. Hij kwam bij Vitesse in de laatste periode van het tijdperk onder voorzitter Karel Aalbers. Toen was topkwaliteit, met spelers als Mahamadou Diarra of Pierre van Hooijdonk nog heel gewoon in Arnhem.
De Mos kwam ver na de hoogtijdagen. Momenteel bewijst hij bij de Griekse club Kavala wat hij ook al bij Vitesse had laten zien.
De Mos is een meester in het neerzetten van een elftal. Dat bleek vooral in zijn eerste seizoen bij Vitesse, toen de hele club nog in polonaise achter hem aan liep. Telkens als het mis dreigde te gaan met het elftal, gooide De Mos de boel om en vond hij een tactiek die werkte. Zo bleef de ploeg gevrijwaard van degradatiezorgen en flirtte Vitesse twee seizoenen met de play-offs om Europees/ Intertoto- voetbal. Mike Snoei, Edward Sturing, Hans Westerhof en Theo Bos weten wat het is om met Vitesse in de gevarenzone te staan. Doordat de commerciële afdeling structureel te weinig geld binnenhaalt, moeten de trainers van Vitesse het in de laatste jaren steevast doen met afgeroomde en kwalitatief verzwakte selecties. Het vertrek van de jonge talenten Ricky van Wolfswinkel en Nicky Kuiper, en de in Arnhem ondergewaardeerde Sébastien Sansoni, zijn daarvan de meest recente voorbeelden.
Inmiddels ben ik ervan overtuigd dat het niet veel uitmaakt wie er voor de groep staat. Het probleem van Vitesse is niet de hoofdtrainer, het zit veel dieper. In de top van de club ( stichtingsbestuur en Raad van Commissarissen) zit te weinig voetbalkennis. Dat werkt door in de hele club. Daarom is het voor Vitesse te hopen dat de nieuwe voorzitter Maasbert Schouten niet bij de verkeerde mensen om advies gaat vragen.
Bron: De Gelderlander
[terug naar overzicht]