Gerrit Horsten
Gerrit Horsten

Verliet in 1925 de club waar hij als speler uitgroeide tot international, Willem II, en koos voor Vitesse. De Arnhemmers hadden zojuist enkele matige seizoenen achter de rug en wilden met het aantrekken van ondermeer deze ervaren verdediger weer een plaats in de top van het Nederlandse voetbal bereiken. Deze doelstelling werd helaas niet gerealiseerd, maar aan Horsten heeft dat volgens de verhalen nauwelijks gelegen. Sterker nog, de speler mocht na een afwezigheid van ruim twee en een half jaar nog één keer het Oranje-shirt over zijn schouders trekken. Zo speelde hij op 2 december 1928 zijn zesde en laatste interland als Vitessenaar in Milaan tegen Italië.

Na enkele teleurstellende jaren, met als dieptepunt degradatie naar de tweede klasse in 1922, was het Vitesse-bestuur er veel aan gelegen de voorheen zo succesvolle club weer een rol van betekenis in het Nederlandse voetbal te laten spelen. De Arnhemmers keerden na één seizoen weliswaar weer terug in de hoogste klasse, maar behaalden hier geen resultaten van belang. Voor de aanvang van het seizoen 1925/1926 werd dan ook besloten met het aantrekken van enkele ervaren spelers het tij te laten keren. De meest spraakmakende overgang was die van international Jan de Natris van Ajax naar Vitesse. Vijfvoudig international Gerrit Horsten, de laatste paar wedstrijden voor zijn overgang echter niet meer geselecteerd voor het Nederlands Elftal, verruilde in diezelfde zomer het Tilburgse Willem II voor Vitesse.

De Natris en Horsten speelden diverse malen samen in Oranje. Zoals bijvoorbeeld een jaar eerder (mei/juni 1924) toen men deelnam aan de Olympische Spelen van Parijs. Het uiteindelijke resultaat was misschien teleurstellend, voor het eerst in de Olympische historie viel het Nederlands Elftal buiten de prijzen, maar het maakte toch een goede indruk op het voetballievende volk. Van te voren was het team niet al te sterk ingeschat. Men won de eerste wedstrijd dan wel overtuigend (6-0) van het zwakke Roemenië, het volgende duel tegen het ook niet al te sterke Ierland leverde al veel meer problemen op (2-1 winst na verlenging). Toen men in de derde ronde het dan ook op moest nemen tegen de torenhoge favorieten uit Uruguay leken de kansen voor Oranje bij voorbaat al bekeken. Juist in dit duel maakte Gerrit Horsten als speler van Willem II zijn debuut.

De Hollanders vochten voor wat men waard was, namen na ruim een half uur zelfs de leiding (via midvoor Kees Pijl), en brachten de Zuidamerikanen zo de wanhoop nabij. Slechts door in de tweede helft over te stappen op hard voetbal en middels een in de schoot geworpen penalty sleepte Uruguay toch nog een 2-1 overwinning uit het spel. Nederland restte alleen nog de troostfinale tegen Zweden. Na het onrecht tegen de latere Olympisch kampioen Uruguay kon men aan Nederlandse zijde niet meer de motivatie opbrengen om toch nog het brons mee naar huis te nemen. In eerste instantie werd het na verlenging 1-1, waarna een tweede wedstrijd nodig was. Een dag(!) na de eerste wedstrijd om de derde plaats ging het vermoeide Oranje-team dan ook ten onder: 3-1 voor Zweden. Toch konden de spelers met een opgeheven hoofd Frankrijk verlaten, een vergelijkbare situatie als tijdens het afgelopen WK-voetbal...

Oranje

Gerrit Horsten speelde in totaal driemaal in Parijs op de Olympische Spelen, en zou als Willem II-speler nog tweemaal in Oranje uitkomen. Na zijn overgang naar Vitesse, waar hij al snel aanvoerder werd, bleef het lang stil rond de interland-carrière van de stoere verdediger. Pas eind 1928 liet bondscoach Bob Glendenning weer eens wat van zich horen.

Op 2 december 1928 speelde Horsten zijn zesde interland als Vitessenaar in Milaan tijdens een vriendschappelijk duel met Italië. Het Nederlands Elftal was danig vernieuwd, ondermeer keeper Leo Halle (Go Ahead), Gerard 'Puck' van Heel (Feijenoord) en de legendarische Beb Bakhuys (ZAC) startten hier hun glansrijke interlandcarrière, en begon overtuigend. Bij de rust was een verassende 2-1 voorsprong bereikt middels twee treffers van oud-gediende Wim Tap (ADO).

Na de wissel drong het thuisland vanzelfsprekend steeds meer aan en wist het toch nog een 3-2 overwinning te behalen. Horsten raakte enkele minuten voor het einde van de wedstrijd volgens de Oostenrijkse scheidsrechter Braun het leder in het eigen strafschopgebied en werd hiervoor bestraft met een penalty. Baloncieri liet zich deze kans niet ontnemen en redde de Italiaanse eer. In het Oranje-shirt is Gerrit Horsten sindsdien niet meer te zien geweest.

 

Beschrijving De Nederlandse reservebank.

Van links naar rechts: oefenmeester Bob Glendenning, hoofdconsul Boeljon, N.N., Cock van der Tuyn (Hermes DVS), Bas Paauwe (Feyenoord), Gerrit Horsten (Vitesse) en Adri van Male (Feyenoord). Duitsland - Nederland (0-2), gespeeld op 4 december 1932 in het Rheinstadion te Düsseldorf. Datum 4 december 1932

Vitesse

Over zijn Vitesse-periode is minder bekend. De Arnhemmers behaalden zoals gezegd ook geen grootse resultaten in competitie verband. Wel speelde Horsten, inmiddels woonachtig in Arnhem en van beroep vertegenwoordiger, de bekerfinale van het seizoen 1926/1927 tegen het Haagse VUC. Op het eigen 'Monnikenhuize' verloren de Geel-Zwarten teleurstellend met 3-1 na in de rust nog met 1-0 voor te hebben gestaan. Verder is het bekend dat hij nog tijdens zijn carrière als speler zitting had in de "1e Elftal Commissie", samen met collega Ben Tap, die mede de opstelling van het hoofdelftal bepaalde. Na enige tijd besloten zij hier toch maar uit te stappen "om het idee weg te nemen, dat zij hun eigen opstelling zouden kunnen beïnvloeden". Toch gaf het al de richting aan waar Gerrit Horsten naar toe wilde, het trainersschap.

Nadat hij gestopt was als speler, midden jaren dertig, was hij lange tijd lid van de "Technische Commissie", ondermeer belast met de samenstelling van de elftallen en de voorloper van het huidige scouting-apparaat. Begin jaren '40 komen we Horsten echter tegen als hoofdtrainer. Hij had zelf als speler nog de degradatie van Vitesse meegemaakt naar de tweede klasse in het seizoen 1934/1935 en mocht nu als trainer proberen de club weer terug te laten keren op het hoogste nivo. In 1941 was men onder zijn leiding dan ook dicht bij promotie. De Arnhemmers werden kampioen in hun afdeling (het eerste kampioenschap in 18 jaar!) en hadden via een nacompetitie de mogelijkheid terug te promoveren. In Deventer tegen het al uitgeschakelde Go Ahead kon men middels winst promotie veilig stellen, maar kwam men niet verder dan een 2-2 gelijkspel.

Omdat zowel Vitesse als PEC (uit Zwolle) met tien punten aan kop stonden in deze extra competitie was een beslissingswedstrijd noodzakelijk. Op het terrein van Robur et Velocitas in Apeldoorn bleek PEC echter met 2-1 te sterk. Nog jarenlang zou Horsten als actief lid betrokken blijven voor wat in de loop der jaren 'zijn' club was geworden. In de zomer van 1961 stierf de oud-voetballer op 61-jarige leeftijd.

Gerardus Antonius (Gerrit) Horsten

geboren 16 april 1900
overleden 23 juli 1961
positie: verdediger, jarenlang aanvoerder van Vitesse.

Club-carrière

Gerrit Horsten kwam in de zomer van 1925 van Willem II naar Vitesse. Speelde ruim tien jaar, veelal als aanvoerder, in het Geel-Zwart. In deze periode maakte hij als hoogtepunt de bekerfinale van 1927 (in Arnhem tegen VUC uit Den Haag; 3-1 verlies) mee. Dieptepunt was degradatie naar de tweede divisie op het slot van zijn carrière. Vitesse overleefde na afloop van het reguliere seizoen 1934/1935 degradatie-wedstrijden tegen Hengelo en SCH niet.

Interland-carrière

Horsten speelde in totaal zes interlands; vijf voor Willem II en één namens Vitesse. Drie hiervan waren in Parijs tijdens de Olympische Spelen van 1924. Zijn laatste maal in Oranje: 6. 2 december 1928 Italië-Nederland 3-2

https://cleanmat.eu/nl https://cleanmat.eu/nl